Op 3 maanden Italiaans leren

Hoe ik op 3 maanden Italiaans leerde

Dutch

Ik was 21 toen ik ontdekte dat het mogelijk is om op 3 maanden een taal te leren. En vandaag besef ik dat ik toen ook heel veel geluk heb gehad. Dat ik intuïtief en toevallig de juiste dingen deed om die nieuwe taal te onthouden. Hoe ik op 3 maanden Italiaans leerde, deel ik graag met jou!

Erasmusavontuur Italië

Op mijn eerste dag in Firenze brak het zweet mij al uit toen ik amper was aangekomen. Ik was net met een grote rugzak van Charleroi naar Pisa gevlogen en kwam na nog een bus- en een treinrit met een hongerke aan op mijn eindbestemming Firenze.

In de broodjeszaak stond ik met mijn mond vol tanden. Ik stamelde “un panini per favore” en kreeg twee broodjes in plaats van één. Ah, het is paninooooo. Ja dus, want panini is in het Italiaans het meervoud van panino (terwijl wij in België met het woord panini slechts 1 broodje bestellen).

“Wat hebben we geleerd vandaag?” kon ik aan het eind van de dag al niet meer op twee handen tellen.

De drie eerste maanden was ik elke avond doodmoe toen ik mijn fietske vlakbij het stadion van Fiorentina voor mijn deur parkeerde. Na een paar uur les van mijn Italiaanse proffen, kwam er stoom uit mijn oren. Ik hoorde mijn hersenen ratelen en pruttelen tijdens het verwerken van zoveel nieuwe woorden. Fieuw!

Ik zat op kot met een Italiaanse en een Spaanse die supergoed Italiaans sprak en dat was een bewuste keuze. Zo kon ik ’s avonds in een ontspannen setting nog wat oefenen met mijn kotgenoten. En dat was nodig want er zat nogal wat “druk” achter. Aan het einde van dat semester moest ik namelijk 3 mondelinge (!) examens afleggen. In het Italiaans. Per favore!

Zo’n intensief leerproces had ik nooit eerder ervaren. Er gebeurde vanaf het begin iets geks tijdens de lessen, die volledig in het Italiaans waren (geen enkele prof sprak Engels, of toch tenminste nooit in de les). Ik noteerde de Italiaanse woorden die ik verstond (in het begin ongeveer 2 à 3 woorden per zin) en schreef er dan in het Nederlands nog bij wat ik inhoudelijk begrepen had. Plus – en nu komt het – Engelse kernwoorden die op één of andere manier ook met de inhoud van de les te maken hadden.

Waar kwam dat Engels vandaan?

Geen idee! Zonder het te begrijpen, bleef ik noteren wat er in mijn hoofd opkwam, of het nu in het Nederlands, Italiaans of Engels was. Aan het einde van een lesdag had ik bladzijden vol leerstof – in drie talen.

Na een tijdje begon ik het te begrijpen. Want ook andere talen kwamen wel eens in me op tijdens lessen of conversaties. Mijn hersenen waren heel hard hun best aan het doen om verbindingen te maken. Zoveel mogelijk verbindingen tussen nieuwe en “oude” (gekende) woorden. In alle talen die ik al kende.

De nieuwe Italiaans woordenschat werd in mijn brein verbonden met mijn moedertaal Nederlands, met het Engels (dat ik ook heel goed sprak), af en toe met het Frans (dat ik dankzij mijn studies in Brussel ook had opgefrist) en zelfs met flarden Latijn (6 jaar Latijn laat sporen na ;-)).

En ik was… blij!

Blij dat mijn hersenen deze klus klaarden, en elke ochtend weer bereid waren om weer nieuwe woorden en zinnen in die grijze massa te pompen.

De eerste twee maanden kwam ik niet verder dan wat smalltalk met klasgenoten, eten en drinken bestellen op restaurant, afrekenen aan de kassa, korte conversaties met mijn kotgenoten en heel veel luisteren naar gesprekken rondom mij en proberen te begrijpen wat er te begrijpen valt.

Woorden oprapen en letters plakken

Bijna letterlijk de woorden oprapen die voor je neus vallen en zien dat je de letters weer op volgorde krijgt. In je geheugen parkeren, nog een geslacht en een meervoud erbij plakken. Klaar. Next!

Na die twee eerste totaaaaaal vermoeiende maanden kwam ineens de klik. Ik voelde het hele arsenaal aan Italiaanse woordenschat en voorbeeldzinnen in mijn hoofd naar voren rukken. “En avant la langue!” De woorden wilden allemaal tegelijk uit mijn mond rollen. Opeens had ik veel praat en nul schaamte of angst om fouten te maken.

Ik begon praatjes met iedereen die er een half oor naar had. ’s Ochtends tegen de barista die mijn cappuccino stond te maken. Tegen mijn buurvrouw of -man in de aula aan de unief. Met de prof na de les. Tegen de vrouw of man aan de kassa in de supermarkt. Met mijn kotgenoten, de buschauffeur en mijn Mexicaanse vriendin. Tegen elke autobestuurder die mij van mijn fiets wou rijden. Pazzo! Zot!

De kick van het leren

Een kick… ik heb er geen ander woord voor.

Het voelde echt als “wauw, ik kan iets!”. Ik kan een taal in mijn hoofd stoppen! Ik kan een taal absorberen, organiseren en reproduceren. En de mensen verstaan mij nog ook. Een half wonder en een totale overwinning.

Mijn mondelinge examens aan de unief waren een succes. “Sociologia dell’organizzazione”, “sociologia delle migrazioni” en “pedagogia interculturale”: geslaagd!

De leermethode die zich onder tijdsdruk als vanzelf ontwikkelde in mijn brein, paste ik opnieuw (en dit keer bewust) met succes toe toen ik in 2006 voor een jaar door Zuid-Amerika ging reizen en toen ik in 2013 naar Duitsland verhuisde.

Bij elke babbel in een andere taal ben ik oprecht blij. Blij en content dat ik al die moeite gedaan heb om die taal te leren. Of het nu lange of korte babbels zijn, voor mij is het het absoluut waard!

Vier in het Russisch

Kleine anekdote: Op de metro in München vroeg een vrouw mij in het Duits bij welke halte ze moest afstappen. Ze had een Russisch accent en haar vinger op de kaart. Ik zei in het Duits dat het de vierde halte was. En smeet er het woordje “vier” in het Russisch achteraan. Haar glimlach werd breder en we namen afscheid in het Russisch. Tot ziens! Dasvidanja! En ik zo trots als een pauw dat ik een paar woorden Russisch kon spreken. Geweldig!

Dát gevoel, dat wens ik jou ook! Die eerste conversaties met “echte” mensen die jou écht begrijpen in hun taal! Je weet toch zelf hoe leuk het is als iemand uit een ander land plots een paar woordjes Nederlands tegen jou spreekt? Dat is àltijd leuk! En schept meteen een band.

Omdat echte conversaties het allerleukste zijn, leg ik in mijn lessen de focus op spreken. En wel vanaf dag 1! In plaats van droge theorie, grammatica en woordenlijsten, beginnen we meteen te spreken, zonder stress, en leer je slim en efficiënt leren. We praten over dingen die jou interesseren en het belangrijkste ingrediënt van elke les is plezier!

Ontspannen leren is beter leren. De resultaten in mijn lessen zijn spectaculair te noemen!

En soms – midden in een les – denk ik weer terug aan dat moment in die broodjeszaak in Firenze. Het is paninooooo! En dat ga ook jij na vandaag nooit meer vergeten. 😉

, , ,
Previous Post
Geen talenknobbel en toch een taal leren? Dat kan!

Read more

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Fill out this field
Fill out this field
Please enter a valid email address.
You need to agree with the terms to proceed

Menu